#42 uitzicht

Het schrijven lukt niet goed. De muziek in dit theatercafé van het Paleis van Cultuur en Wetenschap staat te hard om op de achtergrond te blijven. Daarnaast hou ik de tijd teveel in de gaten.

Alle andere klanten zitten nog buiten op het terras in de avondzon. Ik moet mijn telefoon opladen, want ik ga met haar skypen. Het zal me niet verbazen als ze weer bij mijn ouders is, die dan mee kunnen kijken en praten.

Mijn moeder zal mijn ironie soms niet kunnen plaatsen en ik de hare niet. Papa zal zijn ogen, naarmate het gesprek vordert, steeds meer richten op het voetbal op tv. Ik weet bijna zeker dat het komt, maar ik wil ze even horen en zien. Ik wil haar zien. Ik wil dat ze mij hier zien. Ik zal ze vertellen over dit paleis, een prachtig stalinistisch gedrocht.

De beheerder van de camping (ik mag hem Magic noemen, dat is makkelijker dan zijn Poolse naam) vindt dit paleis een doorn in het oog, niet in de laatste plaats door de connectie met de Sovjet-Unie.

Magic vertelde dat je wel het mooiste uitzicht over de stad hebt vanuit dit paleis, vooral omdat je het paleis zelf dan niet kunt zien. Ik vind het een sterk beeld: de macht en grootsheid van een historisch gebouw ondermijnen, door er zelf plaats in te nemen.

Ik bel haar en ze neemt meteen op. Ik zie drie lachende en zoekende gezichten in mijn schermpje. De muziek staat niet meer hard.