#22 ei

Ik boekte voor het eerst een hotel, in Namysłów. Om één uur ‘s middags had ik een slaapplek waarin ik niet hoefde te bukken. Een plek met schone lakens, een bureau en een tv.

Wat ik deed was weinig. Ik zag filmpjes over de winst van Nederland tegen Costa Rica en zocht contact met het thuisfront. Ook keek ik op de wegenkaarten, waar ik heen zou gaan. Omdat ik een tweepersoons bed had, kon ik mijn gemarkeerde route in zijn geheel uitleggen en bekijken. Ik lag. Ik dronk. Ik at. De dag voelde vreemd.

Om halfzeven kwam ik buiten. Het leek of ik een dag had gemist. Niks geschreven.

Ik liep langs een parkje. Er zaten nog mensen buiten. Er was een speeltuin vol met kinderen die aan het klimmen en klauteren waren.

Een vrouw wees mij de weg naar Kaufhaus.

Ik vergat mijn appels te wegen en te stickeren. Er werd een medewerker naar de kassa geroepen die het alsnog voor mij deed. Ik keek verontschuldigend naar de mensen achter mij in de rij. Het Poolse woord voor sorry was ik kwijt.

Teruglopend met mijn boodschappen dacht ik aan de eieren en mijn gaspitje.

Er moest een daad worden gesteld, in mijn hotelkamer.